Hoge Raad oordeelt over de landbouwvrijstelling

Veel agrarische ondernemers hebben de afgelopen jaren hun landbouwgronden geherwaardeerd. Aanleiding van deze herwaardering waren geluiden die opgingen om de fiscale landbouwvrijstelling af te schaffen. Deze stelt namelijk de autonome waardestijging van de waarde in het economische verkeer bij voortdurende agrarische bestemming (WEVAB) van landbouwgronden vrij van belasting. Indien landbouwgrond met een aanschafprijs van € 100.000 nu € 600.000 waard blijkt te zijn, kan bij - al dan niet gedeeltelijke - overdracht van deze gronden  deze waardestijging op zijn minst gedeeltelijk onbelast worden gerealiseerd. De grond wordt dan in de boeken “opgetrokken” naar een hogere WEVAB waarde waarmee een behoorlijke fiscale claim uit de lucht is.

Procedure bij Hoge Raad

Naar aanleiding van een procedure bij de Hoge Raad in juli 2015 was de vraag opgekomen of bij het aangaan van een samenwerkingsverband, ook het gedeelte dat niet is overgedragen mag worden geherwaardeerd. Op 30 september jl. heeft de Hoge Raad dit bevestigd.

Alleen de ondergrond van bedrijfsgebouwen herwaarderen

Naast het voorgaande oordeelde de Hoge Raad op 30 september jl. dat het fiscaal niet verboden is de ondergronden los van de opstallen te herwaarderen. De belastingdienst was van mening dat het niet mogelijk was de ondergronden te herwaarderen zonder de opstallen te herwaarderen, omdat grond tezamen met de opstal fiscaal als één bedrijfsmiddel dient te worden aangemerkt. De Hoge Raad stelde de belastingdienst op dit punt in het ongelijk.

Gedeeltelijk herwaarderen

Indien en voor zover onderdelen van de meerwaarden niet onder de landbouwvrijstelling delen, kan er gedeeltelijk (partieel)  worden geherwaardeerd. Eventuele belaste gedeelten van de meerwaarden zoals afgeboekte reserves of pachtersvoordelen blijven bij deze variant voorbehouden aan de inbrenger. Het op dergelijke wijze “oormerken” van meerwaarden is volgens de Hoge Raad toegestaan, maar dan moet er wel evengoed worden afgerekend over een deel van de belaste meerwaarden, en wel naar rato. Naar onze mening geldt dit zowel voor die gevallen waarin de meerwaarden onderdeel uitmaken van de vrijgestelde WEVAB waarde als die gevallen waarin tegen de WEVAB waarde is geherwaardeerd terwijl de waarde economisch verkeer (WEV) hoger ligt dan deze WEVAB waarde.

Glijbepaling

Veel ondernemers hebben in contracten waarbij (partieel) is geherwaardeerd een glijbepaling op laten nemen. Deze komt er kort gezegd op neer dat indien en voor zover uit de overeenkomst belastingheffing volgt, de elementen waaruit deze belastingheffing volgt met terugwerkende kracht worden geacht nooit van deze overeenkomst deel te hebben uitgemaakt. De uitvoering van deze glijbepaling komt er op neer dat de (partiele) inbreng dan ongedaan kan worden gemaakt. In voorkomende gevallen kan een gedeeltelijke afrekening ook gewenst zijn, bijvoorbeeld ingeval van openstaande verliezen, of een toekomstige bedrijfsverkoop. Dit zal per geval moeten worden bekeken.

Ten slotte

Wij raden u aan contact op te nemen met uw adviseur indien u in het verleden landbouwgrond heeft geherwaardeerd. Ook ingeval u bij het herwaarderen met de belastingdienst een vaststellingsovereenkomst heeft afgesloten raden wij u aan contact op te nemen met uw adviseur.